De Reggio Emilia-visie is ontstaan in de Italiaanse stad Reggio Emilia, waar sinds 1964 zo’n 33 centra voor jonge kinderen zijn opgericht, allemaal met dezelfde bijzondere pedagogische visie.

In de Reggio Emilia-visie wordt het kind gezien als een rijk kind met, al vanaf de geboorte, vele mogelijkheden en talenten. Kinderen zijn in wezen al van jongs af aan bezig met leren, ze zijn nieuwsgierig en vol creativiteit, hebben hun eigen passies en zijn van nature uit op contact. Loris Malaguzzi (1920-1994) is de grondlegger van deze pedagogische werkwijze. Hij ontmoette in 1945 in Reggio, enkele ouders die zelf een kleuterschooltje wilden oprichten. Het werd de basis van waaruit Malaguzzi zijn ideeën kon ontwikkelen:het resultaat is dat er alleen al in Reggio 33 peuter-en kleuterscholen volgens zijn ideeën werken. Hij wilde doorbreken met het doorbreken van de traditionele pedagogische opvoeding en begon met het opbouwen van deze bijzondere pedagogische visie met een simpele gedachte : Door goed te luisteren naar de kinderen kom je vanzelf op ideeën voor je aanbod.

De pedagogische principes van Reggio Emilia zijn:

Het krachtige kindbeeld

Kinderen worden geboren met vele mogelijkheden, zijn sterk, sociaal, spontaan, creatief en goed in staat de wereld om hen heen te ontdekken, te leren kennen en te beoordelen. Kinderen zijn onderzoekers en nieuwsgierig, ze zijn actieve deelnemers in hun eigen ontwikkeling en in de constructie van hun identiteit en zelfstandigheid in wisselwerking met de andere kinderen en met de omgeving waarin het leeft. Dit proces is afhankelijk van de mogelijkheden die volwassenen kinderen bieden om zich op hun eigen wijze te ontwikkelen.

 

Elk kind is uniek met eigen gevoelens, gedachten, tempo, achtergrond en cultuur.

De honderd talen

Communicatie speelt een grote rol in de constructie van de identiteit. Kinderen construeren op geheel eigen wijze steeds weer theorieën, en maken hypotheses. In dit proces van onderzoeken en ontdekken leren de kinderen van elkaar, van de leidsters en van de omgeving door interactie en communicatie. Het is echter voor kinderen moeilijk om hun gedachten, ideeën, en gevoelens onder woorden te brengen.

Loris Malaguzzi ontdekte de kracht van non-verbale uitingen door de kinderen, de honderd talen van de kinderen. De pedagogen van Reggio Emilia schenken aandacht aan deze honderd talen, de talloze manieren waarop kinderen zich kunnen uitdrukken in tekeningen, vormen, bewegingen en geluiden. In dit leerproces kunnen de kinderen hun stem en hun talenten laten horen en de volwassenen kunnen deze signalen van de kinderen waarnemen door middel van goede observaties. Er ligt op deze scholen ook een groot accent op creativiteit.

De drie pedagogen

Op de eerste plaats zijn de kinderen elkaars pedagoog. Ze leren in interactie met elkaar. De tweede pedagoog zijn de volwassenen die de kinderen interactief verzorgen en begeleiden in hun ontwikkelingsproces. De derde pedagoog is de omgeving, de ruimte en de materialen. Een goede indeling van de ruimte draagt bij aan de pedagogische aanpak. Alledrie deze “pedagogen”hebben een grote invloed op de ontwikkeling van de kinderen.

De Reggio-benadering is een 'pedagogiek van het luisteren', in plaats van een 'pedagogiek van het vertellen'. Het is een pedagogische filosofie die gezamenlijk wordt ontwikkeld door de mensen die deel uit maken van de praktijk: kinderen, groepsleiding, pedagogen, kunstenaars.

In de Reggio Emilia-benadering maakt de school deel uit van de stad, van de gemeenschap als geheel. Ouders en anderen in de omgeving van de kinderen en de school worden nadrukkelijk betrokken bij de activiteiten van de kinderen. Dit komt voort uit de opzet in Italië van de kindercentra direct na de WOII: het idee om door een andere aanpak van onderwijs en opvoeding te voorkomen dat fascisme nog ooit de kop opsteekt.

Een belangrijk uitgangspunt is dat het kind beschikt over alle competenties die het nodig heeft om te groeien. De rol van volwassenen is het begeleiden van de kinderen in hun groei en het zorgen voor de meest gunstige condities. Er wordt uitgegaan van het gegeven dat kinderen een sterke drang hebben om te weten, te begrijpen en dat zij nieuwsgierig zijn naar de wereld. Maar niet alleen de kinderen ontwikkelen zich, maar ook de volwassenen; ze zijn samen (!) op ontdekkingsreis. Dit betekent dus dat je als volwassene bereid moet zijn om op een andere manier naar de werkelijkheid te kijken dan je eerst in gedachten had. Anders mis je het ontdekkings- en leerproces dat het kind doormaakt en zie je alleen de tekortkomingen of de voor jou logisch lijkende antwoorden.

Schoolomgeving:

Scholen die de visie van Reggio Emilia nastreven willen dat de schoolomgeving zoveel mogelijk inspeelt op de behoeftes van de kinderen.  De interactie tussen de school en de schoolomgeving wordt steeds belangrijker.

Een aantal uitgangspunten die worden gehanteerd naar aanleiding van de schoolomgeving zijn:

  • Leraren zijn erg bezig met de schoolomgeving, deze moet gezien worden als derde leerkracht. Het uiterlijk en het gevoel wat een schoolomgeving uitstraalt is erg belangrijk voor de behoeftes van een kind.
  • De verfijnde schoonheid binnen de school, wordt gezien als een belangrijk punt om het kind te respecteren en de schoolomgeving.
  • Een klaslokaal moet een omgeving zijn waar kinderen kunnen leren en spelen. Er moeten verschillende materialen aanwezig zijn, zoals kunst, zand/water, leesmateriaal, blokken, reken/wiskunde materiaal en wetenschappelijke materialen.
  • De leerkrachten zorgen ervoor dat de leerlingen zelf problemen leren onderzoeken, in kleine groepen, hierdoor leren ze samenwerken en discussiëren.
  • Al het materiaal wat kinderen maken, worden op een volwassen hoogte neergelegd en opgehangen, zodat ouders kunnen zien waar de kinderen mee bezig zijn.
  • Gezamenlijke ruimtes worden beschikbaar gesteld voor alle kinderen van de school, zoals een drama lokaal en werkplekken.

De schooldag zieter op de meeste scholen in de ochtend traditioneel uit, dus gericht op lezen, taal, rekenen en schrijven. De middag is voor wereld oriëntatie en kunstzinnige vorming.

Kunstzinnige vorming

Kunst wordt gebruikt als symbolistische taal om de opvattingen van de kinderen uit te drukken in hun project. In overeenstemming meervoudige intelligenties, pleit de Reggio benadering voor de integratie van de grafische kunsten als instrumenten voor cognitieve, taalkundige, en sociale ontwikkeling.

Portfolio als beoordeling

Het project en werkmateriaal van de kinderen wordt gedocumenteerd in een assessement. Dit is noodzakelijk voor de kinderen zodat ze het gemaakte materiaal terug gekeken kan worden, reflecteren en de vooruitgang bij kunnen houden. Dit is ook een belangrijk meetinstrument voor leerkracht en ouders.

In het portfolio vind je:

  • Foto's van kinderen die zich bezighouden met ervaringen,
  • Wat ze vertellen als ze bespreken wat ze doen,
  • Wat ze voelen en denken,
  • En de interpretatie van de kinderen over de ervaringen die wordt weergegeven via de visuele media als een grafische presentatie van de dynamiek van leren

Lange-termijn projecten

De ondersteuning en verrijking van het leren van kinderen met behulp van korte termijn (een week) en lange termijn (het hele schooljaar) project werk, waarin reageren, vastleggen, spelen, verkennen, hypothese bouwen en testen, en provoceren optreedt.
Gedurende een project, helpen leerkrachten kinderen beslissingen te nemen over de richting van de studie en de wijze waarop de groep het onderwerp onderzoekt.

De leraar als onderzoeker

De rol van de leraar binnen de Reggio Emilia benadering is complex. Werken als co-leerkrachten, de rol van de leerkracht is in de eerste plaats het zijn dat een leerling samen met de kinderen. De leraar is een leraar-onderzoeker, een hulpbron en gids als hij / zij expertise leent voor kinderen.

Binnen een dergelijke docent-onderzoeker rol, moet hij/zij aandachtig luisteren, observeren, en het werkdocument van kinderen en de groei van de gemeenschap in hun klas stimuleren. Leraren zetten zich in voor reflectie over hun eigen onderwijs en leren. Groepsleerkrachten werken in paren en zorgen voor samenwerking, het delen van informatie en begeleiding van personeel.

Home-school relaties

Kinderen, leerkrachten, ouders en de gemeenschap zijn interactief en werken samen. Bouwen van een gemeenschap van onderzoek tussen volwassenen en kinderen.
Voor de communicatie en interactie kan verdiepen onderzoek van kinderen en theorievorming over de wereld om hen heen.
Programma's in Reggio zijn erg gericht op familie. Loris's visie van een 'onderwijs op basis van relaties' richt zich op elk kind in relatie tot anderen en tracht dit te activeren en te ondersteunen van kinderen met andere kinderen, familie, leerkrachten, de maatschappij en het milieu.

 

 

Bronnen:

http://www.vkblog.nl/bericht/197119/Reggio_Emilia_een_onderwijsvorm_van_de_toekomst?

http://www.scribd.com/doc/11083214/Presentatie-Pedagogie-Reggio-Emilia

http://www.brainy-child.com/article/reggioemilia.htm
http://home.wanadoo.nl/nuria.eric/index.htm